Volkshuis

Gemeente Leiden afbeelding
Volkshuis, Lotte Gielis

Adres:        Apothekersdijk 33a
Datering:   1899
Architect:   W.C. Mulder
Status:       rijksmonument

Verenigingsgebouw Het Volkshuis aan de Apothekersdijk wordt in 1899 gebouwd naar ontwerp van de architect Willem Cornelis Mulder (1850-1920). Het ontwerp toont een nieuwe stijlfase in de architectuur van de bekende Leidse architect. Mulder verruilt hier de neorenaissancestijl voor een moderne bouwtrant beïnvloedt door architect Berlage, wiens baanbrekende beursgebouw in Amsterdam net in aanbouw is. Constructie en indeling moeten af te lezen zijn aan het exterieur. Mulder accentueert daarom zowel de beide ingangen als de belangrijkste vertrekken door licht vooruit springende delen in de gevels. Natuursteen accentueert plekken met een grotere constructieve belasting.

Ontwikkeling, beschaving en levensgeluk

Het gebouw dient als huisvesting van Stichting Het Leidsche Volkshuis, dat in 1897 wordt opgericht door drie hoogleraren van de Leidse juridische faculteit.  Doelstelling van de stichting is ‘de verhoging van de ontwikkeling, beschaving en levensgeluk onder de arbeidende en daarmee gelijk gestelde klassen in Leiden’. Het Volkshuis is één van de eerste instellingen in Nederland die het clubhuiswerk invoert.

Lentefeest

De meest uiteenlopende cursussen worden in het gebouw gegeven; van het doen van de was, verstellen en mazen tot lezen en schrijven. Generaties Leidenaren groeien op met het Lentefeest, zoekend naar pijpkruid, of vieren vakantie in de verblijven van het Volkshuis in ’t Gooi en Noordwijkerhout. Voor het laatstgenoemde verblijf, De Vonk, wordt J.J.P. Oud op voorspraak van H.P. Berlage aangetrokken als architect. Theo van Doesburgh, oprichter van kunstenaarsgroep De Stijl, en H.H. Kamerlingh Onnes ontwerpen het interieur. De Stijl vestigt gedurende twee jaar zijn secretariaat in het Volkshuis.

Donkerbruin en jute

Wie tegenwoordig het Volkshuis binnengaat, treft een heel ander interieur aan dan in 1899. Alle kamers waren aan het eind van de negentiende eeuw geverfd in donkerbruine tint en bespannen met jute. Zware eikenhouten deuren sloten gangen en trappenhuizen. Dit alles gaf het pand een air van deftigheid en moet op de Leidse arbeiders die in kleine krotten woonden, een geweldige indruk hebben gemaakt.

Liften

Tijdens het bewind van juffrouw Mies Ruth, directrice van 1925 tot 1954, krijgt het huis al een lichte kleurstelling. Midden jaren '80 wordt het gebouw gemoderniseerd. Er komen liften zodat de oudere cursisten niet meer de trappen op hoeven. De laatste grondige restauratie vindt plaats in de eerste helft van 1999, vlak voor het honderdjarig jubileum. Tijdens hun werkzaamheden vinden slopers de originele plafonds terug die nu weer in hun oude luister zijn hersteld.

Monument 46 uit de historische canon van Leiden