Sint Petruskerk en omgeving

Gemeente Leiden afbeelding
St. Petruskerk, foto Peter Horree

Adres:        Lammenschansweg 40-42
Datering:   1934-1936
Architect:   A.J. Kropholler en H.A. van Oerle
Status:       rijksmonument

Op 25 juli 1933 brandt de St. Petruskerk aan de Langebrug af. Deze kerk bedient de rooms-katholieke gemeenschap in het westelijk deel van de binnenstad. Onmiddellijk wordt gedacht aan herbouw. Juist in die periode krijgt Leiden de kans om een grote nieuwbouwwijk aan de zuidzijde van de stad te bouwen. In het 'Uitbreidingsplan 1933' wordt de stedenbouwkundige aanleg vastgesteld. Het ligt voor de hand dat in de nieuwe wijk ook de nodige kerken zullen verrijzen. Door de gelovigen uit de binnenstad voortaan te laten kerken in de Lodewijkskerk aan het Steenschuur en in nieuwe parochiekerk buiten de singels komt een einde aan de bizarre concurrentie van twee dicht bij elkaar gelegen kerken.

Architectonische eenheid

Voor de bouw van de nieuwe St. Petruskerk valt de keuze op een perceel aan de Lammenschansweg. Dit tot groot genoegen van de al gekozen architect A.J. Kropholler (1881-1973). Kropholler heeft zich op 27-jarige leeftijd bekeerd tot het rooms-katholicisme en is zich daarmee gaan interesseren voor kerkenbouw. Hij is van mening dat een kerk niet zomaar tussen bestaande huizen moet worden gepropt, maar de norm moet zijn voor de bebouwing van de omliggende buurt. Aan de Lammenschansweg krijgen hij en zijn collega H.A. van Oerle de kans om een heel bouwblok te vullen met een kerk, pastorie én woonhuizen. In 1935 kan begonnen worden met de bouw. Ruim een jaar later is de kerk gereed. Het perceel vormt vandaag de dag nog altijd een architectonische eenheid: de St. Petruskerk en pastorie omzoomd door een ‘driehoek’ van woonhuizen aan de Lorentzkade, Zeemanlaan en Lammenschansweg. Een parochiehuis aan de Zeemanlaan had het complex moeten completeren, maar dat is helaas nooit gebouwd.

Baksteen

De drie-beukige Petruskerk is gebouwd in de herkenbare stijl van Kropholler. Kropholler is een groot tegenstander van het Nieuwe Bouwen van architecten als Gerrit Rietveld. Geïnspireerd door Berlage kiest hij juist voor traditionele architectuur met een grote rol voor de expressieve waarde van het bouwmateriaal. Zo is de grote baksteen bepalend voor het uiterlijk van de Petruskerk. In het interieur van de kerk is te zien dat Kropholler veel waarde hecht aan een overzichtelijke ruimte waarin iedereen goed zicht heeft op het altaar. Een deel van het meubilair, zoals de banken, de kroonluchters en het tabernakel op het hoogaltaar, is ook door Kropholler ontworpen. Het interieur wordt in 1990 gewijzigd, maar oorspronkelijke elementen van de hand van Kropholler zijn ook na de ingrepen nog duidelijk zichtbaar.

Delftse school

De architectuur is een schoolvoorbeeld van de Delftse school, die traditionele vormen (zadeldak) en materialen (baksteen) als uitgangspunt neemt. De ambachtelijkheid moet van het gebouw afstralen en daarom worden de bakstenen aan de binnenzijde niet bepleisterd. Metselwerk en constructie blijven duidelijk zichtbaar. De grote bakstenen die Kropholler gebruikt benadrukken dit monumentale karakter nog eens.

Monument 55 uit de historische canon van Leiden