Begraafplaats Groenesteeg

Gemeente Leiden afbeelding
Begraafplaats Groenesteeg, foto Lotte Gielis

Adres:        Groenesteeg 126
Datering:   1813, herinrichting en uitbreiding in 1827
Architect:   Salomon van der Paauw
Status:       rijksmonument

Tot de Franse tijd worden de rijken in Leiden begraven in kerken, zoals in de Pieterskerk, de Hooglandse Kerk en de Vrouwekerk. Minder welgestelde burgers krijgen een graf rond de kerk op het kerkhof. In de zeventiende eeuw zorgen enkele pestepidemieƫn voor grote sterfte onder de Leidse bevolking. De bolwerken rond de stad lenen zich goed als noodbegraafplaats en al gauw besluit men enkele bolwerken in te richten als begraafplaats voor de armere Leidenaren.

Rouwstoeten

In 1811 verbiedt Napoleon het begraven in kerken. Voor de Leidse, hervormde notabelen wordt daarom in 1813 het bolwerk aan het einde van de Groenesteeg, op de hoek van de Zijlsingel en de Nieuwe Rijn, ingericht als laatste rustplaats. De bewoners van de steeg zien regelmatig rouwstoeten met zwart gepluimde paarden voorbij trekken.
De begraafplaats Groenesteeg zoals wij die nu kennen, wordt in 1827 ontworpen door de toenmalige stadsarchitect Salomon van der Paauw. Hij ontwerpt ook de aula. Deze krijgt in 1859 een bovenwoning voor de grafmaker die ook toezichthouder is.

Lijkredes

Vele indrukwekkende lijkredes moeten hier zijn uitgesproken. Bekende Leidse hoogleraren, bestuurders en industriƫlen zijn hier immers begraven: hoogleraar Snouck Hurgronje, lakenfabrikant Boudewijn Franciscus Krantz en burgmeester Louis Marie De Laat de Kanter. Ook het graf van Anna Cornelia Carbentus is er te vinden. Zij was de moeder van Vincent van Gogh en woonde van 1889 tot 1893 en van 1905 tot aan haar dood in 1907 in Leiden.

Sinds 1975 wordt er niet meer begraven op de begraafplaats Groenesteeg. Na een periode van verval is de begraafplaats in 1993-1995 gerestaureerd. Begraafplaats Groenesteeg is tegenwoordig opengesteld als stadspark.

Monument 34 uit de historische canon van Leiden